Op 12 januari 2026 verscheen de herziene multidisciplinaire richtlijn Functionele Neurologische Stoornissen (FNS). De richtlijn is een gezamenlijk product van Nederlandse Vereniging voor Neurologie, NVvP, VRA, NIP en KNGF. Voor de verwijspraktijk verandert er een aantal belangrijke dingen.
Kort: wat verandert er?
- Diagnostiek is positief, niet exclusief. De diagnose FNS wordt niet meer gesteld op basis van 'uitsluiting' van andere oorzaken, maar op basis van specifieke positieve klinische tekenen.
- Vroeger verwijzen. De aanbeveling is om bij vermoeden van FNS binnen 6 maanden te verwijzen naar gespecialiseerde zorg, in plaats van langdurig in de eerste lijn te observeren.
- Multidisciplinaire behandeling als eerste keus. Behandeling is geïntegreerd: neurologie, revalidatie en psychologie werken samen, niet na elkaar.
- Wegnemen van stigma. Termen als "psychogeen" of "conversie" worden afgeraden; "functioneel" is het wetenschappelijk geprefereerde adjectief.
Diagnostiek — positief stellen
De grootste verandering: FNS is geen diagnose per uitsluiting. De richtlijn benoemt specifieke klinische tekenen die positief op FNS wijzen, zoals het Hoover-teken bij krachtsverlies en het tremor-entrainment-teken bij bewegingsstoornissen. De gemiddelde sensitiviteit en specificiteit van deze tekenen ligt boven de 80%.
Dat heeft praktische gevolgen voor de eerste lijn: een aanvullend MRI is niet altijd noodzakelijk om FNS te kunnen diagnosticeren. Het verandert de uitleg richting de patiënt: "ik zie iets specifieks dat past bij FNS" werkt beter dan "we hebben niks gevonden".
Het verschil tussen 'we hebben niks gevonden' en 'we hebben iets specifieks gevonden' is voor de patiënt enorm. Het is geen semantiek — het is het verschil tussen erkenning en afwijzing. — Drs. Pieter van Asselt, kerngroeplid richtlijncommissie
Wanneer verwijzen?
Drie momenten waarop verwijzing naar Revalis (of een vergelijkbaar gespecialiseerd centrum) aangewezen is:
- Bij sterk vermoeden FNS & ≥3 maanden bestaande klachten. Vroeg verwijzen verbetert de prognose meetbaar.
- Bij stagnatie in eerstelijns behandeling. Als oefentherapie / fysio na 6 weken niet beweegt — overweeg multidisciplinaire setting.
- Bij comorbide pijn of vermoeidheid. De gecombineerde aanpak van Revalis (MSR + SGGZ) is hier specifiek voor ontwikkeld.
Behandeling en evidence
De richtlijn beveelt multidisciplinaire behandeling expliciet aan als eerste keus. Gespecialiseerde fysiotherapie (volgens het CODES-FNS protocol) gecombineerd met psychologische behandeling (CGT, ACT) levert in studies functioneel herstel bij circa 60–70% van de cliënten.
Het volledige richtlijndocument is te downloaden via de website van de Nederlandse Vereniging voor Neurologie. Voor concrete vragen over verwijzing kunt u onze verwijzers-pagina raadplegen of contact opnemen via helpdesk@revalis.nl.